‘Hallo, ik ben Marjolijn. Ik ben hier voor het eerst.’ Ik stelde me zo volwassen mogelijk voor aan de man en vrouw die al in de zaal stonden met in hun handen koffie en een koekje.
Ze lachten vriendelijk naar me. Maar met hun monden vol koek en geen handen vrij om te schudden, moest ik zelf toch nog meer gaan zeggen, leek me.

‘Hebben jullie al veel boeken geschreven?’ was het enige dat ik kon bedenken. Ik vond dat ze er zo ervaren-auteur-achtig uitzagen, dus dat leek me op dat moment een geschikte vraag.
Ik voelde me onzeker, maar probeerde het dapper te verbergen. De band van mijn rugzak - praktisch voor de weg hiernaartoe, maar niet zo professioneel ogend, verzuchtte ik vanbinnen – zakte een beetje af. Ik hees hem zo onzichtbaar mogelijk weer over mijn schouder. Zouden ze me wel serieus nemen hier? Die onzekere gedachten schoten door me heen terwijl ik wachtte op een antwoord van de vast veel meer ervaren schrijvers, die hun boeken al in boekenwinkels door het hele land hadden liggen. Of niet? Geen idee eigenlijk.
Maar ze waren al veel verder dan ik, dat leek me absoluut een feit. Net een week geleden had ik mijn eerste persoonlijke gesprek met de uitgever gehad die vandaag hier een schrijversbijeenkomst hield. Oké, ze was enthousiast geweest en wilde graag met me in zee; mijn boek zou er echt gaan komen. Maar het voelde nog niet zo. Het was alsof ik maar niet wakker werd uit een leuke dagdroom.
En nu stond ik opeens tussen zo’n twintig schrijvers en gingen we het zo hebben over boekpresentaties geven. Heel echt en serieus. Ik voelde me zo ontzettend bleu en nog niet klaar voor het 'echte' werk.
Ondertussen veraste ik mezelf met een gelukkige glimlach tijdens het leuke gesprek dat ik had met de twee koffiedrinkende schrijvers. De man had jarenlang als tropenarts gewerkt en schreef daar op feiten-geïnspireerde fictie over. Ik hing aan zijn lippen. Hij had inderdaad al veel ervaring; hij had meerdere boeken op zijn naam staan. Maar hij was aardig en ook nog eens geïnteresseerd in mijn boek. De vrouw vertelde dat haar eerste boek net was verschenen. Het was ook een ervaringsverhaal, net als dat van mij. Zij moest het hele promotie-proces nog ingaan en vond dat spannend. Ik vond ze allebei heel aardig, open en helemaal niet zoals ik me voorgesteld had. Niet heel interessant-doenerig, neerbuigend of véél slimmer dan ik. Ik begon me al iets te ontspannen.
Tot het moment dat we allemaal plaats hadden genomen en Jitske meteen begon met een ‘rondje’. In twee minuten zouden we allemaal vertellen over ons boek. Help, nee, niet dit, dacht ik verhit. Ik had nog geen achterflap of persinformatie. Over een kort beknopt stukje waarin de inhoud van mijn boek duidelijk naar voren zou komen, had ik nog niet eerder nagedacht. Ik voelde me overvallen.
Omdat ik ergens in het midden zat van de grote kring tafeltjes, had ik gelukkig nog even de tijd. Ik sloeg mijn notitieboekje open en begon snel steekwoorden op te schrijven, ik moest ergens houvast aan hebben. Tussendoor probeerde ik ook nog te luisteren naar wat de anderen vertelden. Twee minuten bleek voor de meesten best lang zijn. En ik merkte dat bijna iedereen, ook al hadden ze goedlopende boeken op hun naam staan, het spannend vond en naar woorden zocht.
Het voelde daardoor opeens zo fijn. Mijn hart ging open en ik had plotseling een nieuwe familie, een grote schrijversclan die hier dezelfde stress en onhandigheid voelde als ik. Het zijn ook gewoon mensen met gevoelens en onzekerheden, realiseerde ik me.
Het twee minuten-durende vertelmomentje over mijn eigen boek ging niet perfect, verre van. Maar het was niet erg want de mensen keken me vriendelijk en geïnteresseerd aan. En tijdens de pauze kwamen er twee schrijvers naar me toe die meer wilden weten over mijn boek, zo fijn!
Het is echt en geen dagdroom, zeg ik maar weer een keer tegen mezelf. Maar toch knijp ik mijzelf mentaal af en toe eventjes. Voor de zekerheid.
Reactie plaatsen
Reacties